Stoeien met heilige koeien

Als er iets is waar ondernemers moeite mee hebben dan is dat de bijtelling voor het privégebruik van hun heilige koe: de personenauto welke op de zaak staat. Hoe duurder de auto, hoe groter de verleiding tot een stoeipartij met de fiscus om de bijtelling te omzeilen. Zo was er een ondernemer met een eenmanszaak die in mei 2012 bedrijfsmatig een Audi S8 Quattro kocht voor € 50.000. Deze auto werd zowel zakelijk als privé gereden. Daarom volgt er dan een bijtelling bij de winst voor het privégebruik van de auto van (indertijd) 25% over de nieuwprijs van de auto.

Om die reden bracht de ondernemer zijn auto op 22 december van hetzelfde jaar over naar zijn privévermogen. Hij stelde dat hij sinds die datum veel op de zaak was vanwege interne organisatorische problemen en als hij naar klanten moest de auto van werknemers gebruikte. Dat liet hij zijn werknemers schriftelijk verklaren. Zijn werknemers wilden dat ook desgewenst onder ede verklaren aan de rechter. De ondernemer zelf had bij zijn notaris een verklaring laten maken dat hij de auto alleen nog maar privé had gebruikt na 22 december 2012.

De nieuwe heilige koe

Op 28 maart van het volgende jaar werd de auto ingeruild voor een nieuwe Audi S8. Deze nieuwe auto werd juist weer op de zaak gekocht.

De discussie met de belastingdienst ging over de vraag of de ingeruilde auto in 2012 wel naar het privévermogen mocht worden overgebracht (met een boekverlies). Daarbij is het belangrijk te weten dat personenauto’s tot het zogenaamde keuzevermogen behoren. Een ondernemer die zijn personenauto zowel zakelijk als privé gebruikt, mag bij aanschaf zelf kiezen of hij de auto op de zaak zet of niet. Maar als eenmaal een keuze is gemaakt dan mag dat later niet snel meer worden herzien. Dat heeft dan heel wat voeten in de aarde en kan feitelijk alleen als er sprake is van een zogenaamde “bijzondere omstandigheid”.

Een bijzondere omstandigheid

Het volledig privé gaan rijden is zo een bijzondere omstandigheid. Dat moet dan wel aannemelijk worden gemaakt door de ondernemer. Maar deze had nadien geen sluitende rittenadministratie bijgehouden en ook niet op een andere wijze inzicht kunnen geven in het feitelijk gebruik van de ingeruilde auto. Daarnaast had de ondernemer steeds al zijn andere eerdere en latere auto’s op de zaak geboekt. Alles wees er volgens de rechter daarom op dat de ondernemer ook in de periode tot de aanschaf van de nieuwe auto zakelijk zou hebben gereden met de ingeruilde auto. Dat was volgens de rechter ook aannemelijker omdat de ondernemer tijdens de rechtszittingen had verklaard dat hij privé in de auto van zijn vriendin had gereden!

De belastingdienst mocht van de rechter de bijtelling van 25% dus blijven hanteren. Het verhaal van de ondernemer was niet geloofwaardig genoeg.

Wat deze uitspraak nogmaals leert, is dat ondernemers niet makkelijk onder de bijtelling vandaan komen. Kies dus bewust en laat je bij aanschaf, zonder onnodige tussenkomst van de notaris(!) en personeel, goed adviseren.

Bent u geïnteresseerd en wilt u hier meer over weten?

Bel of mail mij gerust en stel uw vraag.

Bel 0252 417 450 Mail js@kromhoutlisse.nl Meer colums lezen? Klik hier…